Beurs   |   Beleggen   |   Geld Lenen   |   Hypotheken   |   iGuru.NL   |   iGuru.BE   |   Informatie   |   Lastminutes  |   Lening vergelijken   |   Nieuws   |   Rente

Achtergronden »

Bespreek  | Bury Add To 
Geplaatst door: anna 1736 dagen geleden
Er is genoeg geschreven en gezegd over de impact van olieprijzen op een economie. Zo zou je kunnen denken dat hogere olieprijzen voor bepaalde landen een positief effect heeft, terwijl andere staten daarvan nadeel kunnen ondervinden. Aan de andere kant lijden bepaalde economieën onder de lage olieprijzen die we sinds kort kennen.
De vraag die we ons dus kunnen stellen, is of Europa beter af is met lage olieprijzen. Als olie duur is, wordt de Europese economie geschaad. Kunnen we de redenering zomaar omdraaien?
Wel, het blijkt van niet. Lage olieprijzen leiden niet per definitie tot een verbetering van de Europese economie. Want, als dat het geval zou zijn, zou het BBP van de Europese Unie (EU) met 2% zijn gegroeid – en, zover zijn we echt nog niet.
Bovendien citeert de denktank een meervoud aan studies dat erop wijst dat stijgende olieprijzen een grotere indruk achterlaten dan dalende olieprijzen.
Of, met andere woorden: de problemen die olie-uitvoerende landen nu ondervinden door de lage koersen verzinken in het niets bij de voordelen die ze krijgen wanneer de prijs zich herstelt. Daarentegen betalen olie-invoerende landen zich blauw aan energie wanneer olie duurder wordt maar krijgen ze weinig tot geen return wanneer producenten hun prijzen naar onder moeten bijstellen.
Een andere factor die meespeelt, is het werking van olie op de gezondheid van economische blokken, zoals de EU. Economen stellen vast de olieschokken een steeds kleinere rol spelen op het gebied van inflatiebeleid en productie.
Ten slotte is de aard van de olieschok ook van belang. Daarmee wordt bedoeld dat de vraag of aanbod op zich niet noodzakelijk in één bepaalde uitkomst moeten manifesteren – tenminste, toch niet rechtstreeks. Een belangrijker en ingrijpender element is het economisch klimaat.
In het geval van de energieverbruikers wil dat zeggen dat hogere brandstofprijzen het gevolg zijn van wat Bruegel een toename van economische activiteit noemt. Als de groei boven een bepaalde drempelwaarde uitkomt, zorgt dat voor een incrementele stijging van de vraag wat dan een invloed kan hebben op het prijsevenwicht.
We mogen echter niet zomaar aannemen dat een economische krimp tot een prijsdaling leidt. Daarvoor moeten we naar de aanbodzijde kijken die zich als het tegengesteld gedraagt van de vraagzijde. Dat lijkt haast logisch.
Volgens Bruegel is dat de manier waarop we naar de oliemarkt van vandaag moeten aankijken. Op dit moment zijn namelijk beide elementen aan het werk:”De huidige schok lijkt een mix te zin van een lager dan verwachte vraag, een hoger dan verwachte olieproductie in sommige crisisregio’s en een sterke productietoename uit de VS.”
Wat dat betekent? Wel, volgens Bruegel wil dat zeggen dat de val van olieprijzen veel erger had kunnen zijn. Maar, dat is voer voor een heel andere discussie.
De conclusie is in ieder geval heel erg duidelijk. Economische groei in de Europese Unie is (grotendeels) onafhankelijk van de hoogte/laagte van de olieprijzen. Wie dus beweert het antwoord voor  het herstel te vinden in de tegenvallende olieprijzen kan wel eens heel bedrogen uitkomen.
bron: Bruegel.org

Wie stemden er op dit nieuwsbericht?

Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Log in om te reageren of registreer hier.